UB4M home

Onderwijs

Werken in het onderwijs kan specifieke knelpunten opleveren bij medewerkers. Zo hebben zij wel eens te maken met agressie en zware werkdruk. Maar ook de veranderingen in het onderwijs, de ervaren zwaarte van de pedagogisch-didactische eisen als ook de weerzin tegen langere arbeidsparticipatie in het onderwijs kunnen het functioneren van medewerkers in het onderwijs beïnvloeden.

Karakteristiek van de FFPO (Fit Functie Profiel Onderwijs) Scan.

De kortste karakterisering van de FFPO is dat het een interactief (via internet) door de leerkracht/docent in te vullen scan is, die leidt tot het maken van een Self Assessment met als centrale vraag: “Zit ik wel goed in mijn onderwijsvel?”

·     De uitkomst van de scan (binnen enkele dagen) wordt grafisch weergeven en voorzien van een door een psycholoog opgestelde toelichting. Een toelichting waarop verduidelijking kan en mag worden gevraagd (wederom over het internet).

 De grafiek geeft direct aan waar het wel of niet welbevinden door wordt veroorzaakt. In ieder geval springen de mogelijke belemmeringen in het vervullen van de onderwijsfunctie direct op. Belemmeringen, die zelfs tot een te verwachten uitval kunnen leiden. Deze belemmeringen kunnen zowel in het medische vlak liggen (biologische deel van de scan), als in het psychologische vlak of in het sociaal maatschappelijke vlak (BPS-indicatie). Daarenboven worden ook de specifieke belemmeringen zichtbaar in het functioneren in de arbeidssituatie, die specifiek op het onderwijs is toegesneden.

De toelichting geeft advies in welke richting hulp kan worden gezocht om geconstateerde belemmeringen weg te nemen of te verminderen.

De privacy van de ondervraagde wordt strikt gehandhaafd, tenzij van te voren is overeengekomen, welke instantie of persoon ook gerechtigd is kennis te nemen van het resultaat. Voorbeelden: Professionele hulpverlening of de schoolleiding.

Meerwaarde voor de leerkracht/docent:

  •  Een al dan niet periodiek voor te houden spiegel, waaruit een gerichte waarschuwing komt om zelf actie te ondernemen bij dreigende uitval. 
  •  Bewustwording van de factoren, die het eigen functioneren in het onderwijs (kunnen of zullen) belemmeren
  •  Een stuk gereedschap om gericht steun of hulp te zoeken
  •  Een stevig signaal om de eigen weerbaarheid te vergroten
  •  De mogelijkheid om gericht de eigen problemen (tijdig ) te delen met anderen (zelf kiezen)

Meerwaarde voor de schoolleiders

  • Actief gezondheidsmanagement binnen de school, gericht op het vergroten van het welbevinden van de leerkrachten en het verminderen van te voorkomen uitval
  •  De gedepersonificeerde gegevens van de scans geven indicaties voor aandachtpunten binnen de organisatie van het onderwijs of de inrichting van het management
  •  De vertrouwensrelatie van leerkrachten en schoolleiders kan worden bevorderd, zeker als de leerkracht er voor kiest haar of zijn belemmeringen te willen delen met de schoolleiding 

Beleving en Beoordeling van Werk & Gezondheid in  het Onderwijs

Het werken in het onderwijs stelt speciale en hoge eisen aan de medewerkers en de organisatie. Om goed werk te kunnen blijven leveren zal de medewerker zelf de nodige inspanningen moeten plegen, zoals bijvoorbeeld de zorg voor een goede fysieke conditie, voor goede persoonlijke verhoudingen binnen de school en voor een stabiel sociaal netwerk. Van de kant van de organisatie zal gezorgd moeten worden voor een adequate  werksituatie (met name helder overleg over de aard en inhoud van ieders taken, goede organisatie, faciliteiten en ondersteuning van het werk) en het stimuleren van individuele ontwikkeling. Zowel de onderwijsgevenden als de organisatie zullen de voorwaarden voor werk van goede kwaliteit willen bewaken.

 Fit Functie Profiel Onderwijs  

Behalve een regelmatig onderzoek naar de beleving en beoordeling van het werk en de werkomstandigheden door de onderwijsgevenden, lijken het welzijn en de gezondheid van de onderwijsgevenden steeds belangrijkere parameters te worden. De afzonderlijke aandacht voor deze aspecten berust op de overweging dat welzijn en gezondheid van medewerkers zowel beïnvloed kunnen worden door als van invloed kunnen zijn op het functioneren van de medeweker en op de werksituatie. UB4M ontwikkelde een eerste versie van een uitgebreide vragenlijst waarmee de beleving en beoordeling van de  belangrijkste interacterende aspecten van werk en gezondheid in het onderwijs tot uitdrukking wordt gebracht: de FFPO (Fit Functie Profiel Onderwijs) Scan.

 Uitgangspunt

De FFPO Scan is gebaseerd op een brede, biopsychosociale benadering van gezondheid, waardoor het ook een uitstekend uitgangspunt vormt voor individuele begeleiding. Het biopsychosociale model werd in 1977 geïntroduceerd door Dr. George. L. Engel.  Dit model houdt in dat naast biologische, ook psychologische en sociaal-maatschappelijke factoren van invloed zijn op het ontstaan en verloop van disbalans in gezondheid en functioneren en dat deze factoren elkaar onderling beïnvloeden. De definitie van positieve gezondheid die werd opgesteld door het Amerikaanse Institute of Medicine (IOM; 1998, 2001) laat de breedte van de biopsychosociale benadering goed zien: “A healthy body; high-quality personal relationships; a sense of purpose in life; self-regarded mastery of life’s tasks; and resilience to stress, trauma, and change”. UB4M heeft deze definitie verwerkt in haar scans en in haar vernieuwende zienswijze op begeleiding.

Binnen de brede, biopsychosociale context is het bijvoorbeeld beter mogelijk om de medewerker duidelijk te maken dat een (dreigende) disbalans in functioneren niet moet worden opgevat als een teken van zwakte of incompetentie, maar iets is wat iedereen kan overkomen en dat het meestal voorkomt uit een cumuleren van exogene en endogene factoren.

Onderzoeksitems

In de FFPO Scan wordt zowel gevraagd naar negatieve omstandigheden en risicofactoren (de ‘tekorten’) als naar beschermende factoren (‘overschotten’) op het gebied van het werk en op biomedisch, psychologisch en sociaal-maatschappelijk gebied.

De werkgerelateerde aspecten die in de scan aan de orde komen zijn onder meer arbeidstevredenheid, arbeidsomstandigheden, werkbelasting (waaronder ervaren competentie en taakoriëntatie).

Voorbeelden ingevoegde Onderwijsspecifieke aspecten zijn onder meer:

  • agressie (ouders / leerlingen)
  • seksuele intimidatie (collega's / leerlingen)
  • directe en indirect geweld (waaronder verbaal, lichamelijk en geestelijk) 
  •  intercollegiale verhoudingen, loyaliteit, etc. 
  • druk van ouders / verzorgers
  • omgaan met cultuurverschillen en probleemkinderen
  • cynisme over onderwijssysteem
  • voorkomen van en omgaan met geweld en drugsgebruik

De vragen op biomedisch gebied hebben betrekking op fysieke stress, psychofysiologische stress en fysieke gezondheidsproblemen alsmede het onderhoud van de fysieke conditie. De psychologische aspecten onderzoeken onder meer manifeste dan wel latente depressiviteit en burnout alsook coping, alsmede hieraan gecorreleerde persoonlijkheidsdimensies zoals extraversie (waaronder assertiviteit) en zelfcontrole (zorgvuldigheid en verantwoordelijkheid). Het sociaal-maatschappelijk gebied omvat vragen over ingrijpende levensgebeurtenissen,  persoonlijke relaties en sociaal-maatschappelijke participatie.

Analyse

Door gebruik te maken van internettechnologie kan UB4M individuele rapportages genereren en toesturen of bespreken met de betrokkene. De individuele medewerker kan mede op basis van de rapportage besluiten om gebruik te maken van de beschikbare somatische, psychologische, sociaal-maatschappelijke en arbeidskundige kennis en ondersteuning. Deze werkwijze zorgt ervoor dat de regie voor de eigen gezondheid en problemen op het werk bij de medewerker zelf blijft. Daarnaast worden overzichten van de onderzoeksresultaten (populatieanalyse)  opgesteld op het niveau van organisatorische eenheden (management).  De FFPO Scan zorgt dus voor monitoring van werk en gezondheid op individueel en organisatorisch niveau.

Werkbalans

Gewoonlijk wordt het risico op ziekteverzuim en uitval beschreven in termen van werkbelasting, invloed op het werk en arbeidstevredenheid (waaronder ook de ervaren sociale steun valt). Vanuit dit denkpatroon neemt het risico op arbeidsuitval toe als de werkbelasting hoog is, maar juist lager wordt als de invloed op het werk en de arbeidstevredenheid groter zijn.

De balans tussen arbeidsbelasting enerzijds, de invloed op het werk en de arbeidstevredenheid anderzijds,  wordt ook wel aangemerkt als bepalend voor het risico op ziekteverzuim. Dit zou betekenen dat:  Risico = F (werkbelasting / controle + arbeidstevredenheid).

Human Capital

Wat ontbreekt in deze formule is de invloed van het beschikbare Human Capital. Een verstoring van de werkbalans kan worden gecompenseerd door het beschikbare fysieke, psychologische- en sociaal-maatschappelijke kapitaal. Risicoweging door het FFPO-onderzoek houdt dus in dat de compensatiemogelijkheden bij een zekere verstoring van de werkbalans worden meegewogen. Dit betekent dat de risicoanalyse wordt gerelateerd aan multiple compensatie-mogelijkheden. Dit kan worden uitgedrukt in de formule:

Risico (gewogen) = Exp ((werkbelasting - invloed op het werk –arbeidstevredenheid) / Human Capital).

  • Kort gezegd: hoe groter het Human Capital, hoe kleiner de invloed van verstoringen in de werkbalans.